De weg kwijt in coronatijd

Gepubliceerd op 11 november 2020 om 12:00

De impact van Covid-19, het huidige alom rondgaande Coronavirus, is niet gering. De besmetting door het virus is alom waar te nemen, wereldwijd. De uitwerking liegt er ook niet om. De ziekte heerst en beheerst de samenleving met name omdat een dodelijke afloop niet is uitgesloten.  

Tegen die achtergrond doen de complotverhalen de ronde. Ze worden ontkracht,  ontzenuwd en tot nepverhalen herleid. Soms al te gemakkelijk. Kernen waaraan al te gemakkelijk wordt voorbijgaan, blijven rondzingen Om ze volledig naar het land der fabelen te verwijzen, is niet zo eenvoudig.

Al gauw blijken ze inzetbaar om inhoud en structuur te geven aan nieuwe verhalen: levensvatbare bronnen voor een nieuwe complottheorie. Wat moet je er van geloven en vooral ook wat niet denkt menigeen. Zo dragen ook zij er aan bij dat de samenleving meer en meer ontwricht raakt.

Ook binnen de ‘gereformeerde gezindte’ neemt de diversiteit toe. En het RD weet niet beter te doen dan op te roepen tot eenheid. In ieder geval tot eenheid in de meest fundamentele zaken. Wanneer dat lukt, kun je kennelijk de verscheidenheid accepteren in de vele niet-fundamentele,  middelmatige zaken. Uiteraard zal dan de discussie gaan over hetgeen echt fundamenteel is en wat als middelmatig kan worden gezien. [1] En blijkbaar ontgaat het dat op die manier de bijl wordt gelegd aan de wortel van de ‘gereformeerde gezindte’. Een voortdurende discussie hierover zal onvermijdelijk leiden tot het volledige faillissement van de ‘gereformeerde gezindte’. Dat kan nu al worden voorzien.    

Nogmaals gezegd, het coronavirus heeft een ontwrichtende uitwerking, ook onder ons. Daar kan moeilijk aan worden voorbijgegaan.  Terecht schetste redacteur Enny de Bruijn in haar column de gevoelens van desintegratie. En ze onderbouwt daarmee de noodzaak van haar waarschuwing, die zeker ook op ons van toepassing is: “Pas op, korte lontjes!” [2]

Hoe indringend is ook de waarschuwing van dr. mr. C. Zweistra, als hij wijst op de schadelijke uitwerking van de sociale media en de technologische ontwikkelingen die zich nu zeker doet gelden. Ondubbelzinnig drukt hij zich uit in zijn recent verschenen boek ‘Verkeerd verbonden’:

Sociale media maken ons eenzaam”. En gezien de noodzaak van ‘contacten op afstand’ is zijn opmerking niet minder veelzeggend:

“Fysiek contact is niet vervangbaar door een felicitatie in de groepsapp.” [3]

Tegen die achtergrond is het meer dan verbazingwekkend hoe gemakkelijk kerken zich hebben geconformeerd aan het overheidsadvies om de kerkgang af te schalen tot aantallen die het absolute minimum benaderen.  Blijkbaar heeft men er niet zoveel moeite mee de levende bediening van Gods Woord in de kerk te vervangen door het surrogaat van kerkelijke bijeenkomsten die je kunt bijwonen via het wifilijntje van een internetverbinding.

Onbegrijpelijk is het hoe gemakkelijk kerken tot in de rechterflank van de gereformeerde gezindte zich daarmee hebben tevreden gesteld. Het besef is blijkbaar verdwenen wat het betekent om persoonlijk te worden aangesproken: “dat ik in zonderheid op den sabbat, dat is op den rustdag, tot de gemeente Gods naarstiglijk kome, om Gods Woord te horen, de sacramenten te gebruiken, God den Heere openlijk aan te roepen, en den armen Christelijke handreiking te doen; (…)” [4]

Is dat nu echt zo onbegrijpelijk? Ja, inderdaad. Er doet zich hier namelijk een reductie van de werkelijkheid voor die 'fenomenaal' is. Onvoorstelbaar. Wat resteert, is een beeldvorming die volledig voorbijgaat aan het wezenlijke van de waarheid en de werkelijkheid.  De opbrengst is er ook naar: een 'realiteit' die strikt genomen volledig illusoir is.

We weten dat we in deze coronatijd met de oordelen Gods worden geconfronteerd. Maar beseffen we het ook werkelijk? In de prediking wordt ons voorgehouden: “Hoort de roede en Wie ze besteld heeft.[5] Maar hebben we oren die ons werkelijk doen horen? Zou er dan niet “een gebroken geest en een verslagen hart” overblijven?[6]  En wat rest ons in die omstandigheid nog meer dan een  roep om ontferming?

Hoe bestaat het dat de kerken, van de PKN af tot de GGiN toe, het overheidsoptreden zo loyaal hebben geaccepteerd. Met de grootst mogelijke klem, ja bezwerend is zelfs vanuit de kerken opgeroepen om de overheid toch vooral te gehoorzamen. Nee, niet omdat de overheid precies weet wat goed is. Maar het profetisch getuigenis heeft moeten wijken voor een misplaatst plichtsgevoel dat problemen vermeden moeten worden.

Zeker, Gods Woord schrijft ontegenzeggelijk voor dat ‘alle ziel’ de machten die van Godswege over ons zijn gesteld, moet gehoorzamen. De overheid is “Gods dienaresse, u ten goede.  En vanzelfsprekend mag daar ook niets van worden afgedaan. ‘Wie zich tegen de macht van de overheid stelt, wederstaat de ordinantie Gods en haalt een oordeel over zichzelf.’[7]

Toch moet in dit verband een tweetal opmerkingen worden gemaakt.

  1. De overheid heeft volkomen terecht ten aanzien van de kerken afgezien van het verstrekken van wettelijke voorschriften. Steeds is beklemtoond dat het, hoe indringend ook, adviezen waren die de kerken werden voorgehouden. Maar de kerken hebben hun  verantwoordelijkheid steeds ontlopen door zich in over-loyaliteit te conformeren aan de gegeven overheidsadviezen als zouden het wettelijke voorschriften zijn.
  2. Met een tweede opmerking moet worden gewezen op de voortdurende noodzaak tot een kritisch volgen van het overheidsbeleid. Is het overheidsoptreden inderdaad ‘niet tot een vrees den goede werken’ maar den kwaden.”? [7] Voert de overheid wel als dienaresse Gods wel een beleid dat land en volk ten goede is? En wanneer is het moment aangebroken om “Gode meer gehoorzaam te zijn dan den mensen”.[8] Handelend optreden in stil vertrouwen op God is zo geheel anders dan berusten in vredelievende zelfgenoegzaamheid.

Het is dan ook begrijpelijk dat het RD gevoelens van onvrede signaleerde ten aanzien van de overheid. Is de overheid gerechtigd om de kerken met de grootst mogelijke klem te adviseren tot de meest ingrijpende beperkingen van bezoekersaantallen? Vanwaar die noodzaak om te komen tot een maximale afschaling van het kerkbezoek met een minimum dat in geen enkele verhouding staat tot de grootte van het kerkgebouw? Wat voor veiligheidsaspect wordt daarmee gediend?

Hopelijk zijn we er inmiddels van  doordrongen dat de kerk allerminst geroepen is – en wij met haar- het overheidsbeleid gedwee te volgen.

Gelukkig werd dat ook in het RD nadrukkelijk opgemerkt:

“Mag de kerk protesteren tegen de overheid? Of zelfs burgerlijk ongehoorzaam zijn? In het verre en recente verleden zijn daar verschillende voorbeelden van te geven. Om maar dicht in eigen huis te blijven: de Nederlandse Opstand was gemotiveerd door de overtuiging dat men Gode meer moet gehoorzaam zijn dan de mensen. Calvinisten formuleerden een verzetsrecht van de zogeheten „lagere overheden” om zich te keren tegen de Spaans-Habsburgse monarchie en op te komen voor de vrijheden en rechten van het volk. In het ”Plakkaet van Verlatinghe” uit 1581 is dat nader uitgewerkt.

Ondertekening Plakkaet van Verlatinghe op 26 juli 1581

Terechtstelling profeten van Amsterdam

De kerk was in de Republiek niet bepaald een slaafs navolger van de overheid. Integendeel, zij kende een voortdurende strijd met de overheid om enerzijds haar vrijheid en onafhankelijkheid te bevechten en anderzijds de overheid te wijzen op de plicht om de gereformeerde religie te bevorderen.”[9]

 

Blijkbaar viel deze volstrekt te rechte zienswijze binnen de gehele redactie niet echt in goede aarde. Integendeel, al gauw liet een kennelijk geschrokken hoofdredactie weten “dat in deze tijd” binnen “christelijke kring rebelse sentimenten naar boven (komen) die meer dopers dan reformatorisch zijn.”[10]

 

Wat moet hier nu van worden gedacht?  Zo’n hoofdredactionele uitlating moet in ieder geval goed worden gedocumenteerd en beargumenteerd. Het is immers te ernstig om zo’n bewering te uiten en die vervolgens als afgedaan te beschouwen. Of is het strikt genomen niet meer dan een loze, een uit de lucht gegrepen opmerking? Dat zou niet minder kwalijk zijn. Immers,  dan zou ook het RD zich schuldig maken aan kwalijke verspreiding van ‘nepnieuws’.

 

[1] RD 02 november 2020 – Meer verdeeldheid in gereformeerde gezindte door corona, Trump en klimaat.

[2] RD 16 oktober 2020 – Column (Enny de Bruijn): Pas op, korte lontjes!

[3] RD 21 oktober 2020 – Hoe sociale media ons laten vereenzamen.

[4] Heidelbergse Catechismus, Zondag 38 vr. en antw. 103

[5] Micha 6:9

[6] Psalm 51:19

[7] Romeinen 13. Zie ook artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

[8] Handelingen 5: 29. Zie ook Handelingen 4:23 - 31

[9] RD 24 oktober 2020 – Kerken klem tussen loyaliteit aan overheid en bediening eigen volk.

[10] RD 04 november 2020 – Danken voor een overheid die je dwars zit.